Motie Sporthal

Realisatie nieuwe sporthal Rucphen

Raadsvergadering 11 maart 2026

De raad van de gemeente Rucphen, in vergadering bijeen op 11 maart 2026,

behandelend agendapunt 14, moties ;

Constateert/Is van mening dat:

  • de sportvoorzieningen in het dorp Rucphen momenteel ernstig tekortschieten, aangezien de oude sporthal buiten gebruik is gesteld en momenteel leegstaat;
  • lokale verenigingen, waaronder Handbalvereniging ORION, hierdoor gedwongen zijn uit te wijken naar andere locaties;
  • deze situatie leidt tot extra kosten voor zaalhuur en een zware financiële en logistieke belasting voor het verenigingsleven in onze gemeente.

Overweegt dat:

  • het realiseren van een nieuwe sporthal middels nieuwbouw de enige manier is om de continuïteit voor verenigingen als ORION te waarborgen;
  • een mogelijke locatie zou kunnen zijn het nieuwbouwproject scholen rucphen/ Munikkenheide college, een locatie waar reeds bouwactiviteiten gepland zijn of gaan plaatsvinden, wat een unieke kans biedt om de sporthal direct en efficiënt mee te koppelen;
  • het bouwen van een nieuwe faciliteit op een locatie waar niet eerst gesloopt hoeft te worden wat nog in gebruik is, de meest kosteneffectieve methode is.

Draagt het college op om:

  • de mogelijkheid van een vrijstaande nieuwe sporthal op een onbebouwde locatie als serieus scenario uit te werken binnen het IHP;
  • de raad binnen twee maanden een concreet plan van aanpak en een tijdlijn te presenteren voor de haalbaarheid van de bouw.

en gaat over tot de orde van de dag.

Naam raadslid (fractie): handtekening:

Wesley Tack-van Hoof PVV Rucphen

MOTIE

Versnelling IHP – Focus op Schijf

Raadsvergadering 11 maart 2026

De raad van de gemeente Rucphen, in vergadering bijeen op 11 maart 2026,

behandelend agendapunt 14, moties over niet op de agenda opgenomen onderwerpen;

Constateert dat:

  • uit beantwoording van technische vragen is gebleken dat de uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) momenteel aanzienlijke vertraging oploopt;
  • stilstand in grote bouwprojecten binnen onze gemeente in het verleden heeft geleid tot explosieve kostenstijgingen;
  • de ervaringen met de schoolhuisvesting in St. Willebrord ons de harde les hebben geleerd dat uitstel direct resulteert in miljoenennota’s extra door indexatie en stijgende bouwkosten.

Overweegt dat:

  • het vasthouden aan een stagnerende planning in het dorp Rucphen momenteel zorgt voor onzekerheid en financieel risico;
  • de realisatie van de Vindplaats in Schijf de volgende logische stap op de lijst is;
  • het project in Schijf minder complex, minder ingrijpend en aanzienlijk goedkoper is om op korte termijn te realiseren. Schijf betreft een verbouwing, Rucphen betreft groot nieuwbouwproject met aanschaf nieuwe gronden;
  • door nu Schijf naar voren te halen, de vaart in het IHP blijft en er tegelijkertijd extra tijd en financiële ruimte (spaarcapaciteit) ontstaat om de plannen voor Rucphen-dorp financieel gezond te krijgen.

Draagt het college op om:

  • niet langer te wachten op de volledige afwikkeling van de huidige knelpunten in Rucphen-dorp, maar de focus te verleggen naar de volgende prioriteit op de lijst;
  • de voorbereiding en uitvoering van de Vindplaats in Schijf direct op te pakken en naar voren te halen in de planning;
  • de vrijgekomen tijd te benutten om een solide financieel fundament en reserve op te bouwen voor de latere aanpak in Rucphen, zodat we niet opnieuw geconfronteerd worden met tekorten zoals in St. Willebrord.

en gaat over tot de orde van de dag.

Naam raadslid (fractie): handtekening:

Wesley Tack-van Hoof PVV Rucphen

Artk. 42: Sporthal, scholen Rucphen

Onderwerp: Status verkoop sporthal De Vijfsprong en mogelijke inzet als

bouwlocatie voor de nieuwe basisscholen in Rucphen

Datum indiening vraag: 23 oktober 2025

Vraag gesteld door: PVV, Wesley Tack–Van Hoof

De PVV-fractie verzoekt om mondelinge beantwoording.

Inleiding:

Binnen de gemeente Rucphen wordt gezocht naar een geschikte locatie voor de nieuwbouw van twee basisscholen. Tegen de huidige voorkeurslocatie bestaat aanzienlijke weerstand onder inwoners en omwonenden. Er zijn zorgen over o.a. verkeersveiligheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en ruimtelijke inpassing.

Uw college heeft recentelijk aangegeven niet tot verkoop van sporthal De Vijfsprong over te gaan. De locatie van sporthal De Vijfsprong lijkt naar inzicht van de PVV-fractie een zeer kansrijke locatie voor de basisscholen die bovendien op meer steun vanuit de samenleving zou kunnen rekenen. Deze locatie is namelijk centraal gelegen, goed bereikbaar, geeft geen overlast aan omwonenden en sluit door de nabijheid van bestaande sportvoorzieningen uitstekend aan bij het gemeentelijk beleid op het gebied van onderwijs, gezondheid en bewegen. Daarnaast biedt behoud of herontwikkeling van locatie De Vijfsprong ook kansen voor de lokale sportverenigingen. Zo zou handbalvereniging Orion hier opnieuw binnen kunnen trainen, waarmee een belangrijke voorziening voor de binnensport in Rucphen behouden blijft.

Locatie De Vijfsprong biedt naar mening van de PVV-fractie volop kansen om onderwijs en sport op een veiligere en goed bereikbare locatie te combineren met een groot maatschappelijk draagvlak. Nu de sporthal niet meer verkocht wordt, is dit hét moment om deze locatie opnieuw te betrekken bij de besluitvorming over de toekomstige huisvesting van de scholen in Rucphen.

VRAGEN:

1. Deelt het college de mening van de PVV-fractie dat de ligging van De Vijfsprong, nabij sportvoorzieningen en met een goede bereikbaarheid, belangrijke voordelen biedt ten opzichte van de huidige voorkeurslocatie voor nieuwbouw van de Rucphense basisscholen?

Zo nee, waarom niet ?

2. Is het college samen met de PVV-fractie van mening dat De Vijfsprong daarmee een goede

locatie voor de nieuwbouw van de twee Rucphense basisscholen zou kunnen zijn ?

Zo nee, waarom niet ?

3. Ziet het college mogelijkheden om, bij behoud of herontwikkeling van De Vijfsprong, ook de binnensportfunctie (bijvoorbeeld voor handbalvereniging Orion) in stand te houden of te versterken? Zo nee, waarom niet ?

4. Is het college bereid om concreet te onderzoeken of De Vijfsprong inderdaad als nieuwe locatie voor

de beide basisscholen in Rucphen kan dienen waarbij tevens het maatschappelijk draagvlak wordt

betrokken? Zo nee, waarom niet ?

5. Op welke termijn denkt het college de raad te informeren over de mogelijkheden en

(on)mogelijkheden van deze locatie?

Beantwoording:

Artk. 42 Vuurwerk

Onderwerp: Vuurwerkoverlast in de gemeente Rucphen

Datum indiening vraag: 28 oktober 2025

Vraag gesteld door: PVV, Adrie van Meel

De PVV-fractie verzoekt om schriftelijke beantwoording.

Inleiding:

In de afgelopen periode zijn er opvallend veel meldingen gemaakt op sociale media en bij de Buurtpreventie over vuurwerkoverlast in diverse kernen van de gemeente Rucphen. De meldingen betreffen onder andere het afsteken van (mogelijk illegaal) vuurwerk, harde knallen, gevaarlijke situaties en schade aan eigendommen. Dit leidt tot gevoelens van onveiligheid bij inwoners en verhoogt de druk op handhaving en hulpdiensten.

De vuurwerkoverlast in Rucphen vraagt om een integrale aanpak waarbij preventie, handhaving en bewustwording centraal staan. De APV biedt een juridisch kader, maar aanvullende maatregelen zijn noodzakelijk om de veiligheid en leefbaarheid te waarborgen.

VRAGEN:

1. Is het college op de hoogte van de toename in meldingen van vuurwerkoverlast in de gemeente Rucphen?

2. Hoeveel meldingen van vuurwerkoverlast zijn er geregistreerd in de afgelopen 6 maanden, uitgesplitst per kern?

3. Welke maatregelen zijn er genomen of worden overwogen om deze overlast te beperken, zowel preventief als repressief?

4. Wordt er samengewerkt met politie, BOA’s en andere instanties om illegaal vuurwerk op te sporen en te handhaven en waaruit bestaat deze samenwerking dan?

5. Overweegt het college het instellen van vuurwerkvrije zones in kwetsbare wijken of rondom zorginstellingen en dierenopvanglocaties? Zo nee, waarom niet ?

6. Hoe wordt de communicatie richting inwoners vormgegeven over de regels en risico’s rondom vuurwerk?

Beantwoording:

  1. Deelt het college onze mening dat het onacceptabel is dat het Rijk gemeenten zoals Rucphen
    blijft opzadelen met steeds hogere taakstellingen, terwijl eigen inwoners jarenlang moeten
    wachten op een betaalbare woning? Zo nee, waarom niet ?
    Wij delen de zorg dat de taakstellingen voor onze gemeente moeilijk uitvoerbaar en in
    sommige gevallen niet haalbaar zijn. In het afgelopen jaar lagen de halfjaarlijkse taakstellingen
    iets lager dan voorgaande jaren. Deze zijn, op één persoon na, behaald. Tegelijkertijd is er nog
    sprake van een achterstand uit eerdere jaren.
    De taakstellingen voor 2026 per gemeente zijn op dit moment nog niet bekend. Landelijk wordt
    uitgegaan van de huisvesting van 15.000 personen. In 2025 bedroeg dit aantal 13.000
    personen. Deze ontwikkelingen maken duidelijk dat gemeenten voor een grote opgave blijven
    staan, terwijl de druk op de woningmarkt onverminderd hoog blijft.
  2. Vindt u het rechtvaardig dat jongeren, starters en ouderen uit Rucphen achteraan moeten
    aansluiten op de woningmarkt, terwijl statushouders voorrang krijgen voor sociale
    huurwoningen? Zo ja, waarom ?
    Wij zijn het met u eens dat de druk op sociale huursector groot is. De stelling dat lokale
    jongeren, starters en ouderen structureel achteraan moeten aansluiten, wordt door ons niet
    gedeeld.
    Er is veel vraag naar sociale huurwoningen. De huisvesting van statushouders is hiervan echter
    niet de hoofdoorzaak. De kern van het probleem is het algemene tekort aan betaalbare
    woningen. Binnen de sociale huursector is sprake van vraag vanuit verschillende doelgroepen,
    waaronder meerdere categorieën urgent woningzoekenden.
    Wij zetten ons actief in om ervoor te zorgen dat lokale jongeren, starters en ouderen sneller in
    aanmerking komen voor een woning. Voorbeelden van dergelijke maatregelen zijn de
    starterslening en de huisvestingsverordening die uw gemeenteraad in september 2024 heeft
    vastgesteld. De huisvestingsverordening zorgt ervoor dat woningzoekenden met
    maatschappelijke binding voorrang krijgen op de helft van de sociale huurwoningen en
    betaalbare koopwoningen in nieuwbouwprojecten.
  3. Erkent u dat de voortdurende instroom van asielzoekers en statushouders direct bijdraagt aan
    de woningnood, druk op voorzieningen en afnemende leefbaarheid in gemeenten als Rucphen?
    Zo nee, waarom niet ?
    Nee, wij erkennen niet dat er in Rucphen sprake is van een directe relatie tussen de instroom
    van asielzoekers en een afname van de leefbaarheid. In onze gemeente vindt namelijk geen
    opvang van asielzoekers plaats. Het aantal statushouders dat in Rucphen wordt gehuisvest is
    relatief klein in verhouding tot het totale aantal inwoners. Op basis van de huidige situatie ziet
    het college dan ook geen aanwijzingen voor een afname van de leefbaarheid in onze gemeente.
  4. Deelt u onze mening dat de spreidingswet een dwangwet is die lokale democratie buitenspel
    zet en gemeenten verplicht om asielopvang te realiseren tegen de wil van inwoners en
    gemeentebesturen in? Zo nee, waarom niet ?
    Zoals bij u bekend, zijn wij niet voornemens in onze gemeente een asielzoekerscentrum te
    realiseren. Mocht zich in de toekomst een situatie voordoen waarin het Rijk gemeenten gaat
    houden aan de uitvoering van de Spreidingswet, dan zullen wij u hierbij direct betrekken.
  5. Bent u bereid om een eerste stap te zetten en te gaan stoppen met voorrang voor
    statushouders op de sociale woningmarkt, zodat woningen weer beschikbaar komen voor
    Nederlandse woningzoekenden? Zo nee, waarom niet ?
    Nee. Dit is niet mogelijk binnen de geldende wet- en regelgeving. Gemeenten zijn verplicht
    deze regelgeving toe te passen bij de huisvesting van statushouders.

Art. 42 vraag: Huisvesting statushouders

Onderwerp: Huisvesting statushouders

Datum indiening vraag: 8-1-2026

Vraag gesteld door: Fractie PVV Rucphen, Adrie van Meel

De PVV-fractie verzoekt om schriftelijke beantwoording.

Inleiding:

De PVV-fractie in de gemeenteraad van Rucphen maakt zich ernstige zorgen over de gevolgen van het landelijke asiel- en spreidingsbeleid voor onze gemeente. Uit recente cijfers blijkt dat Rucphen opnieuw wordt geconfronteerd met hoge taakstellingen voor de huisvesting van statushouders terwijl de druk op de lokale woningmarkt al groot is en veel inwoners langdurig wachten op een betaalbare woning.

De opeenstapeling van landelijke verplichtingen, waaronder de spreidingswet, leidt ertoe dat gemeenten steeds minder ruimte hebben om eigen afwegingen te maken en prioriteit te geven aan de belangen van hun inwoners. De PVV is van mening dat deze ontwikkeling de financiële draagkracht en leefbaarheid van Rucphen onder druk zet. Naar aanleiding hiervan heeft de PVV-fractie de volgende vragen:

1. Deelt het college onze mening dat het onacceptabel is dat het Rijk gemeenten zoals Rucphen blijft opzadelen met steeds hogere taakstellingen, terwijl eigen inwoners jarenlang moeten wachten op een betaalbare woning? Zo nee, waarom niet ?

2. Vindt u het rechtvaardig dat jongeren, starters en ouderen uit Rucphen achteraan moeten aansluiten op de woningmarkt, terwijl statushouders voorrang krijgen voor sociale huurwoningen? Zo ja, waarom ?

3. Erkent u dat de voortdurende instroom van asielzoekers en statushouders direct bijdraagt aan de woningnood, druk op voorzieningen en afnemende leefbaarheid in gemeenten als Rucphen? Zo nee, waarom niet ?

4. Deelt u onze mening dat de spreidingswet een dwangwet is die lokale democratie buitenspel zet en gemeenten verplicht om asielopvang te realiseren tegen de wil van inwoners en gemeentebesturen in? Zo nee, waarom niet ?

5. Bent u bereid om een eerste stap te zetten en te gaan stoppen met voorrang voor statushouders op de sociale woningmarkt, zodat woningen weer beschikbaar komen voor Nederlandse woningzoekenden? Zo nee, waarom niet ?

Beantwoording:

  1. Deelt het college onze mening dat het onacceptabel is dat het Rijk gemeenten zoals Rucphen
    blijft opzadelen met steeds hogere taakstellingen, terwijl eigen inwoners jarenlang moeten
    wachten op een betaalbare woning? Zo nee, waarom niet ?
    Wij delen de zorg dat de taakstellingen voor onze gemeente moeilijk uitvoerbaar en in
    sommige gevallen niet haalbaar zijn. In het afgelopen jaar lagen de halfjaarlijkse taakstellingen
    iets lager dan voorgaande jaren. Deze zijn, op één persoon na, behaald. Tegelijkertijd is er nog
    sprake van een achterstand uit eerdere jaren.
    De taakstellingen voor 2026 per gemeente zijn op dit moment nog niet bekend. Landelijk wordt
    uitgegaan van de huisvesting van 15.000 personen. In 2025 bedroeg dit aantal 13.000
    personen. Deze ontwikkelingen maken duidelijk dat gemeenten voor een grote opgave blijven
    staan, terwijl de druk op de woningmarkt onverminderd hoog blijft.
  2. Vindt u het rechtvaardig dat jongeren, starters en ouderen uit Rucphen achteraan moeten
    aansluiten op de woningmarkt, terwijl statushouders voorrang krijgen voor sociale
    huurwoningen? Zo ja, waarom ?
    Wij zijn het met u eens dat de druk op sociale huursector groot is. De stelling dat lokale
    jongeren, starters en ouderen structureel achteraan moeten aansluiten, wordt door ons niet
    gedeeld.
    Er is veel vraag naar sociale huurwoningen. De huisvesting van statushouders is hiervan echter
    niet de hoofdoorzaak. De kern van het probleem is het algemene tekort aan betaalbare
    woningen. Binnen de sociale huursector is sprake van vraag vanuit verschillende doelgroepen,
    waaronder meerdere categorieën urgent woningzoekenden.
    Wij zetten ons actief in om ervoor te zorgen dat lokale jongeren, starters en ouderen sneller in
    aanmerking komen voor een woning. Voorbeelden van dergelijke maatregelen zijn de
    starterslening en de huisvestingsverordening die uw gemeenteraad in september 2024 heeft
    vastgesteld. De huisvestingsverordening zorgt ervoor dat woningzoekenden met
    maatschappelijke binding voorrang krijgen op de helft van de sociale huurwoningen en
    betaalbare koopwoningen in nieuwbouwprojecten.
  3. Erkent u dat de voortdurende instroom van asielzoekers en statushouders direct bijdraagt aan
    de woningnood, druk op voorzieningen en afnemende leefbaarheid in gemeenten als Rucphen?
    Zo nee, waarom niet ?
    Nee, wij erkennen niet dat er in Rucphen sprake is van een directe relatie tussen de instroom
    van asielzoekers en een afname van de leefbaarheid. In onze gemeente vindt namelijk geen
    opvang van asielzoekers plaats. Het aantal statushouders dat in Rucphen wordt gehuisvest is
    relatief klein in verhouding tot het totale aantal inwoners. Op basis van de huidige situatie ziet
    het college dan ook geen aanwijzingen voor een afname van de leefbaarheid in onze gemeente.
  4. Deelt u onze mening dat de spreidingswet een dwangwet is die lokale democratie buitenspel
    zet en gemeenten verplicht om asielopvang te realiseren tegen de wil van inwoners en
    gemeentebesturen in? Zo nee, waarom niet ?
    Zoals bij u bekend, zijn wij niet voornemens in onze gemeente een asielzoekerscentrum te
    realiseren. Mocht zich in de toekomst een situatie voordoen waarin het Rijk gemeenten gaat
    houden aan de uitvoering van de Spreidingswet, dan zullen wij u hierbij direct betrekken.
  5. Bent u bereid om een eerste stap te zetten en te gaan stoppen met voorrang voor
    statushouders op de sociale woningmarkt, zodat woningen weer beschikbaar komen voor
    Nederlandse woningzoekenden? Zo nee, waarom niet ?
    Nee. Dit is niet mogelijk binnen de geldende wet- en regelgeving. Gemeenten zijn verplicht
    deze regelgeving toe te passen bij de huisvesting van statushouders.

Artikel 42 Vraag: RAV

1) Bent u op de hoogte van deze toenemende tijden in Rucphen en de
achterblijvende prestaties ten opzichte van vergelijkbare gemeenten?


Naar aanleiding van de nieuwsuitzending van RTL op 25 februari heeft de Regionale
Ambulancevoorziening ons een informatiebrief gestuurd over de ambulanceprestaties. Deze
brief is als bijlage bij deze beantwoording gevoegd en geeft een uitgebreide toelichting op
de werkwijze van de RAV.
Bovendien houdt de RAV ons door middel van de jaarstukken op de hoogte van de
prestaties van de ambulancezorg in onze regio. We constateren hierbij dat de gemiddelde
responstijd niet afwijkend is ten opzichte van de rest van de regio.
2) Wat zijn volgens u de oorzaken van deze langere wachttijden in Rucphen?


Zoals gezegd bij de beantwoording van vraag 1, zien wij geen afwijkingen ten opzichte van
vergelijkbare gemeenten. Op 9 april hebben wij van de RAV de conceptjaarstukken 2024
onvangen. Hierbij wordt voor de Al-ritten een vergelijking gemaakt tussen de 24
gemeenten in Midden- en West-Brabant op basis van responstijd. Hierin zien we, als we de
grote gemeenten (Bergen op Zoom en Roosendaal) buiten beschouwing laten, dat alleen in
Halderberge de responstijd iets sneller is (11:10 minuten, tegenover onze 11:26 minuten).
3) Hoe verhouden deze cijfers zich tot de landelijke trends in ambulancezorg?


Het is erg lastig om landelijke prestaties met elkaar te vergelijken. Dit komt door de
geografische verschillen tussen de werkgebieden. Zo zijn er RAV’s die vrijwel uitsluitend
werken in sterk verstedelijkte gebieden. De RAV in onze regio heeft een uitgestrekt
werkgebied met een sterke afwisseling tussen stedelijk en uitgestrekt landelijk gebied.

4) Zijn er reeds maatregelen genomen of gepland om de ambulancezorg in Rucphen
te verbeteren en te zorgen dat de landelijke norm wordt gehaald? Zo ja, welke?


In 2024 heeft de RAV de verbeterde urgentie-indeling geïmplementeerd. In plaats van 3
urgentieniveaus zijn er nu 7: onderscheid tussen spoedeisende (AO,A1 enA2), niet
spoedeisende ambulancezorg (B1 en B2), en meldkamerzorg (C1 en C2). De RAV is
hierdoor beter in staat de juiste zorg op de juiste plaats te realiseren.

Artikel 42 vraag Herstelwerkzaamheden van basisschool Mariadonk te Zegge

1) Heeft het college onderzocht wat er nog meer aan onderhoud nodig/noodzakelijk
is aan basisschool Mariadonk en of het financieel voordeliger is om de school in
één keer grondig aan te pakken?


We begrijpen de vraag en delen het belang van goed inzicht in het onderhoud van
schoolgebouwen. Tegelijkertijd is het belangrijk om te benoemen dat het onderhoud van
schoolgebouwen tegenwoordig geen gemeentelijke taak meer is. Die verantwoordelijkheid
ligt primair bij de schoolbesturen zelf.
Er is op dit moment niet onderzocht of het naar voren halen van een eventuele
toekomstige renovatie financieel voordeliger zou zijn. Een grotere renovatie of verbouwing
vraagt om uitgebreide voorbereiding, afstemming en besluitvorming – dat is een traject
met een langere doorlooptijd. Bij een spoedaanvraag zoals deze is het vooral van belang
om snel en adequaat te handelen. Juist vanwege de urgentie is nu gekozen voor een
oplossing die op korte termijn uitvoerbaar is.


2) Wat is de status van het IHP en zijn er specifieke vorderingen met betrekking tot
Zegge en Rucphen?


Voor de kern Rucphen zijn we op dit moment bezig met het actualiseren van het Integraal
Huisvestingsplan (IHP). Uitganspunt is dat we in juni aanstaande een definitieve versie
kunnen voorleggen aan de gemeenteraad.
Wat betreft de school in Zegge geldt dat hierover een afspraak is gemaakt in het College
Werk Programma (CWP). Daarin is opgenomen dat de onderwijshuisvesting in de dorpen
Schijf en Zegge, op basis van het IHP, in de volgende collegeperiode aan bod komt. Dat betekent dat deze locaties op dit moment nog niet in de actuele planning zijn
meegenomen, maar wel nadrukkelijk op de agenda staan voor de toekomst.


3) De vrees voor noodzakelijke aanpassingen en verbouwingen aan de
schoolgebouwen is door onze fractie al vaker gedeeld. Deelt het college deze
vrees en wat kunnen we op korte termijn nog verwachten bij andere scholen?


We begrijpen de zorgen die uw fractie uitspreekt en delen het belang van goede,
toekomstbestendige onderwijshuisvesting. Als college zetten we ons tot het uiterste in om
schoolgebouwen op een goed en modern niveau te brengen – zowel qua kwaliteit als qua
functionaliteit, passend bij de eisen van deze tijd.
Tegelijkertijd moeten we realistisch zijn. Ondanks goede voorbereiding en samenwerking
met de schoolbesturen kunnen zich altijd onverwachte, spoedeisende situaties voordoen.
We doen er alles aan om dergelijke verrassingen te voorkomen, maar in de praktijk is het
helaas niet altijd mogelijk om alles op voorhand te voorzien.
Wat betreft andere scholen zijn er op dit moment geen concrete signalen van urgente
situaties zoals bij de huidige spoedaanvraag. Uiteraard blijven we hierover continu in
gesprek met de schoolbesturen en monitoren we de situatie nauwgezet.